|
Zuid-Afrika
Gardenroute
Molo,
Op
vrijdag
7
november,
ontmoet
ik
Tjik.
Ja,
we
hadden
een
date
in
Cape
Town,
gewoon
weer
eens
iets
anders
dan
een
date
op
de
Nieuwstad
in
Leeuwarden,
nietwaar?
We
hadden
elkaar
negen
weken
niet
gezien,
maar
we
hebben
elkaar
herkend.
We
gaan
samen
de
reis
van
Kaapstad
naar
Johannesburg
maken.
 
Pas
op
voor
de
Pinguïns
Table
Mountain
in
Cape
Town

Diezelfde
middag
hebben
we
bijgekletst
op
een
terrasje
aan
het
Victoria
Waterfront,
de
meest
toeristische
plek
van
heel
Zuid-Afrika.
De
seals
in
de
haven
bewonderd
en
we
gaan
tellen,
nummer
1,
die
seals!
Als
we
de
volgende
dag
aankomen
met
’t
boemeltje
in
Simons
Town
vinden
we
na
een
stukkie
wandelen
bij
Boulders
Bay
nummer
2,
de
pinguïns.
Nadat
Tjik
een
heel
gesprek
gehad
heeft
met
één
van
die
rare
vogels
en
tegelijk
geheel
verbrand
is,
besluiten
we
de
dag
in
African
Café,
één
van
de
restaurants
die
ik
al
eens
eerder
beschreven
heb,
very
good
food!
Op
zondag
vinden
we
achter
de
parlementsgebouwen
een
eekhoorntje,
en
dat
is
3.
De
swingende
Zuludansers
in
één
van
de
drukke
winkelstraten
van
Cape
Town
tellen
we
niet
mee,
maar
even
later
boven
op
Tablemountain
ontmoeten
we
de
dassies,
the
rockrabbits,
nummer
4
dus.
Ja,
je
begrijpt
het
al,
hè,
we
zijn
direct
vanaf
het
begin
op
zoek
naar
the
Big
Five.
Wel,
die
zitten
dus
niet
hier
in
Cape
Town.
De
eerste
nachten
sliepen
we
in
een
hotel
met
een
heleboel
sterren,
maar
het
is
zo
steriel.
Dat
doen
we
vanaf
nu
dus
niet
meer.
We
gaan
gebruik
maken
van
allerlei
backpackers
lodges,
veel
goedkoper
en
veel
gezelliger.
We
reizen
met
de
Baz
Bus.
Een
hop-on-hop-off
bussie,
from
door
to
door,
zo
van
de
ene
naar
de
andere
backpacker.
En
in
zo’n
bussie
zie
en
spreek
je
steeds
andere
travellers,
veel
verhalen
over
al
beleefde
avonturen
en
natuurlijk
allemaal
hoge
verwachtingen
over
de
rest
van
de
reis.
Uitzicht
over
Cape
Town,
in
de
verte
ligt
Robbeneiland.
We
gaan
naar
Hermanus.
Hermanus
staat
erom
bekend
dat
het
er
in
de
baai
soms
krioelt
van
de
walvissen.
Wel,
we
hebben
geluk,
we
zien
ze
alle
vier,
vlak
aan
de
kust,
rustig
voorbij
zwemmend.
Maar
’s
avonds,
als
de
zon
ondergaat
zien
we
als
climax
plotseling
a
jumping
whale,
heel
explosief,
heel
majesteitelijk
krachtig,
geheel
boven
water,
…en
knipogend
hoor!
Echt
waar.
Ja,
dat
is
indrukwekkend.
Vervolgens
hebben
we
de
de
reis
langs
de
Gardenroute
voortgezet
naar
George,
alleen
om
vandaar
door
te
reizen
met
de
beroemde
Outeniqua
Choo
Choo
train,
een
antiek
stoomtreintje
naar
Knysna.
In
dat
treintje
waagt
een
Duitser
zich
naast
mij
en
hij
heeft
die
avond
ervoor
net
dat
gegeten,
waardoor
zich
die
herkenbare
walgelijke
walm
in
onze
coupé
verspreid.
Wij
hadden
het
beste
plekje
in
dat
treintje,
stuurboordkant
bij
het
raampje
in
verband
met
het
unieke
panoramische
uitzicht,
maar
ook
hij
wou
steeds
foto’s
maken
en
moest
dan
over
mij
heen
hangend
met
z’n
kop
uit
’t
raam
iets
proberen
vast
te
leggen
voor
het
thuisfront
natuurlijk.
En
toen
ik
dat
mooie
ravijn
zag,
heb
ik
even
gedacht
…
hahaha.
Ja,
soms
moet
je
je
op
een
prachtige
reis
je
toch
van
alles
laten
welbehagen
…
Knysna
is
heel
gezellig,
een
rustig
stadje
aan
een
prachtige
lagoon.
Met
een
kano
zijn
we
een
riviertje
op-
en
afgedobberd.
Soms
dobberend,
inderdaad,
soms
knokkend
tegen
die
stroming,
vooral
proberend
andere
kanoërs
te
ontwijken
of
juist
effe
te
raken
op
’t
moment
dat
ze
een
foto
wilden
maken.
Net
geen
jungle,
net
geen
oerwoud,
maar
wel
apies,
die
proberen
de
overkant
van
de
rivier
te
halen
door
boven
onze
hoofden
van
boom
tot
boom
te
springen.
 
Met
zo'n
cat
kun
je
een
prachtige
tocht
maken
over
de
lagune
bij
Knysna
Ook
lag
daar
in
de
haven
van
Knysna
een
mooie
catamaran,
daarmee
kon
je
een
zeiltochtje
maken
op
de
Indian
Ocean,
at
sunset,
compleet
met
oesters
en
champagne.
Nou,
je
weet,
dat
ik
vanuit
Fish
Hoek
meerdere
malen
heb
geprobeerd
om
op
zee
te
komen.
Daar
was
het
niet
gelukt.
Nu
opnieuw
een
kans.
De
kapitein
is
een
aardige
man,
ik
mag
sturen.
En
of
’t
duveltje
ermee
speelt,
vandaag
weer
storm.
Op
’t
moment
dat
we
bij
de
Head
zijn
en
de
lagoon
moeten
verlaten
en
inruilen
voor
de
Indian
Ocean
zien
we
werkelijk
enorme
hoge
golven,
een
prachtige
branding
om
te
zien,
maar
helaas
te
gevaarlijk
om
daar
doorheen
te
kruisen.
En
zo
zijn
we
wat
blijven
laveren
op
die
lagoon.
En
oesters
eten,
dat
was
inclusief.
Wel,
ik
had
ze
nooit
eerder
geproefd,
maar
als
je
van
een
vingerhoed
vol
zilte
snot
houdt,
dan
moet
je
’t
echt
zelf
ook
maar
eens
proberen,
denk
ik.
Tenslotte,
die
sunset
hebben
we
ook
niet
gezien,
het
zal
wel
gebeurd
zijn,
maar
we
hebben
’t
niet
gezien,
ja,
je
hebt
hebt
van
die
dagen,
uniek
gewoon!
Op
naar
Plettenberg
Bay.
Prachtige
stranden,
…en
wat
een
grote
kwallen.
Ik
heb
al
heel
wat
kwallen
gezien,
maar
zulke
grote,
nee,
nog
nooit.
Dan
plotseling
een
kreet:
dolphins!
Tientallen
tegelijk,
buitelend
in
de
branding.
Tjik
springt
de
oceaan
in,
ze
wil
zwemmen
met
de
dolfijnen,
geen
angst
voor
haaien,
…en
er
zijn
veel
dolfijnen,
tientallen,
misschien
wel
honderden
tegelijk,
ze
omsingelen
Tjik,
prachtig,
haha,
ze
had
al
contact
met
die
pinguïns,
maar
met
deze
dolfijnen
wordt
het
nog
intensiever,
..en
ze
zijn
vlakbij,
slechts
enkele
meters
…
Wauw,
een
droom
wordt
werkelijkheid.
Eentje
heeft
ze
mee
naar
huis
genomen,
een
miniatuurtje,
een
replica
als
mascotte!
Kwalletje
!
De
volgende
dag
vertrekken
we
naar
het
Tsitsikamma
Forest,
Natures
Valley.
Alweer
prachtige
stranden,
en
zon,
een
hete
dag.
En
we
zien
tientallen
baboons,
eindelijk,
ze
spelen
op
het
topje
van
de
rotsen
met
hun
evenwicht.

Dit
kun
je
toch
uren
volhouden
...
En
wat
zeg
je
van
deze
vogelnestjes?
Ja,
hier
is
het
voorjaar,
immers.
Deze
gele
vogeltjes
bouwen
opmerkelijke
eigen
woninkjes,
de
ingang
tot
het
nest
zit
aan
de
onderkant
…,
dat
die
eieren
er
straks
niet
zullen
uitrollen
blijft
voor
mij
een
raadsel.
 Zo’n
80
km
ten
noorden
van
Port
Elisabeth
maken
we
de
eerste
safari,
in
het
Scottia
Park.
Het
ligt
naast
het
Addo
Elephant
Park.
De
natuurparken
worden
overal
de
grond
uitgestampt,
het
is
booming
business,
het
land
wordt
overspoeld
door
vele
toeristen
en
ze
willen
allemaal
op
safari.
Ja,
ook
wij
natuurlijk.
Op
safari
gaan
is
eigenlijk
niets
anders
dan
je
uren
laten
meeschommelen
boven
op
een
oude,
open
landrover
en
dan
maar
turen
in
de
verte
en
gluren
achter
takken,
struiken
of
bomen
in
de
hoop
dat
plotseling
iets
gaat
bewegen.
En
intussen
moet
je
ook
nog
de
chauffeur
goed
in
de
gaten
houden.
Hij
heeft
namelijk
met
een
groots
gebaar
zijn
geweer
en
zijn
revolver
laten
zien
en
ze
daarna
heel
voorzichtig
op
het
dashboard
gelegd
om
ze
in
een
noodgeval
snel
te
kunnen
grijpen
om
een
arme
toerist
het
genadeschot
te
geven.
Een
levenseinde
door
de
kogel
valt
wellicht
te
verkiezen
boven
de
kaken
van
een
hongerige
leeuw,
nietwaar?
Bij
een
klein
meertje
stopt
onze
chauffeur,
wij
zien
niets,
het
water
is
als
een
spiegel.
Gespannen
tuurt
hij
over
het
oppervlak,
wij
ook,
maar
…
we
zien
zelfs
geen
rimpeling.
“En
toch
leeft-ie”,
verzekert
deze
ranger
ons.
Een
paar
maanden
geleden
had-ie
zeven
honden,
nu
huppelt
nog
slechts
één
hondje
mee.
De
andere
zijn
opgevreten
door
die
krokodil.
Nadat
hij
is
uitgestapt
en
vervolgens
even
hard
met
één
been
op
de
grond
stampte,
verschijnen
inderdaad
een
paar
ogen
boven
water,
…ja,
toch
echt
hoor!
Na
deze
uitgebreide
rondrit,
waarin
we
natuurlijk
ook
even
kennis
maken
met
de
huisleeuw,
een
vetgemeste
leeuw,
opgesloten
met
een
aantal
leeuwinnen
in
een
gamepark
met
1600
andere
dieren
die
allemaal
op
z’n
menu
staan,
zodat
hij
steeds
iets
lekkers
uit
kan
kiezen,
worden
we
getrakteerd
op
een
potje
kos!
Uitgebreid
eten
en
drinken,
all
included,
zoveel
als
je
wilt,
rond
een
aantal
kampvuren,
ja
echt
traditioneel
eten
in
een
Afrikaans
sfeertje,
…en
in
de
verte
brullen
de
leeuwen.
Wat
een
decor!
The
Lion
King

|